Wanneer je bent ontstaan via eiceldonatie, betekent dit dat je genetisch materiaal afkomstig is van een andere vrouw dan degene die jou gedragen heeft. Dat kan diepe verwarring of een gevoel van splitsing veroorzaken:
“Ben ik verbonden met mijn moeder… of ben ik haar vreemd?”
Zelfs als je moeder je met oneindige liefde heeft ontvangen en gedragen, kan er onbewust een gevoel leven van afstand, vervreemding of ‘niet helemaal passen’.
De moeder is vaak het eerste veilige baken, het thuis. Maar als jij het gevoel hebt (onbewust) iets ‘anders’ te zijn dan zij.. op zielsniveau, lichamelijk of energetisch.. kan dat een voedingsbodem zijn voor existentiële vragen:
Soms is er sprake geweest van geheimhouding of onduidelijkheid, en werd pas op latere leeftijd duidelijk hoe je ontstaan bent. Dit kan maken dat je je verraden voelt, of gaat twijfelen aan de oprechtheid van verbindingen.
Ook komt het voor dat je je onbewust probeert aan te passen aan verwachtingen die niet van jou zijn, om ‘goed genoeg’ te zijn voor de moeder die jou gedragen heeft.
Tegelijkertijd ben je het resultaat van een diepe wens, van moed en inzet. Jij bent gekozen… bewust, gewild, met toewijding. Maar soms gaat daar ook een gevoel van schuld of prestatiedruk mee gepaard:
“Ik moet iets terugdoen voor alles wat er voor mij is opgegeven…”
Herkenbare patronen bij eiceldonatie kunnen zijn;